Qwark: Impulsief
Ik ben geen hebberd of verzamelaar. De spellen die ik speel en uitspeel hoef ik niet ergens te bewaren als misplaatste trofeeën. Games speel ik en laat ik achter me, hoe goed sommigen ook zijn. Een gezonde instelling vind ik zelf, aangezien snel doorverkopen geld oplevert, en het huis niet overwoekerd raakt met troep waar je je eigenlijk voor zou moeten schamen. Dat betekent niet dat ik helemaal vrij ben van obsessief verzamelgedrag. Bij tijd en wijle, als ik een spel uitzonderlijk goed vind, wil ik weleens vervallen in wat ik een 'gerichte verzamedrift' noem. Het begon allemaal met Outrun: Coast to Coast.
Ik kocht het voor het eerst op de PSP en was direct verslaafd. De PlayStation 2 versie kocht in dezelfde week. Het was exact dezelfde versie, maar omdat ik savegames kon uitwisselen tussen beide kon ik deze aankoop voor mezelf rechtvaardigen. De aankopen die erop volgden wisselden logica echter in voor iets anders, iets engers. Online kocht ik een oude Outrun 2 over van iemand die backward compatible was met de Xbox 360 en niet veel daarna kocht ik ook Outrun Coast to Coast voor Xbox. Voor de duidelijkheid: het gaat hier om dezelfde spellen, maar omdat er bij Outrun 2 een soundtrack zat moest ik die ook hebben. De Outrun gekte zette door. Ik struinde gamewinkels af naar remakes, oude Outruns (Er bleek een slechte remake te staan op een collectie ge-remasterde Sega klassiekers, een onderdeel uit de -Ages serie die alleen in Japan uitkwam) Ik zat op een punt dat ik alles wat ook maar iets met Outrun te maken had ook daadwerkelijk had. Spelen deed ik het allemaal niet, die PSP versie bleek al genoeg verschaft te hebben. Waarom dan allemaal? Ik hoop daar ooit eens achter te komen,
Sega Rally was de volgende obessie en een trend (Arcaderacers van Sega) leek zich te tonen. Het begon met Sega Rally voor de Xbox 360 dat ik zo grijsspeelde dat mijn 360 er twee keer onder bezweek. Omdat ik geen moment zonder Sega Rally kon besloot ik hem ook te kopen voor de PS3 om zo de tijd te overbruggen tot mijn 360 van zijn Red Ring of Death verholpen was, en zodat ik het nooit meer zonder Sega Rally hoefde te stellen. Nu had ik twee versies en dus was de volgende stap, de PSP versie, ook niet ver meer. Ik kocht hem en nu kon ik zelfs Sega Rally onderweg spelen. Het was het ultieme geluk, al begon ik me al een beetje zorgen te maken over mezelf. Toen ik uiteindelijk ook de PC versie kocht die niet eens draaide op mijn ondermaatse PC wist ik dat ik weer gevangen zat in de zieke impuls om alles te moeten hebben.
Die periodes komen en gaan. Inmiddels speel ik Sega Rally en Outrun allebei niet meer en al die versies kunnen me zodanig gestolen worden dat ik ze probleemloos weer op marktplaats heb gezet. Hoe ik aan deze vorm van tijdelijke waanzin ontsnap weet ik niet precies, maar een laffe poging tot zelfreflectie brengt me wel tot het volgende:
Gezien de twee voorbeelden lijkt het alleen te gebeuren bij de spellen waarvan de wortels verweven zijn met mijn jeugd. Het zijn spellen die enkel te spelen waren in een speelhal en daarom zo onbereikbaar, zo exotisch, waren dat ze een onuitwisbare indruk op me achterlieten. Spellen als Outrun: Coast to Coast en Sega Rally brengen mij weer terug in die tijd en als een soort wraak op het toen zo onbereikbare, koop ik nu alles wat ermee te maken heeft. Om iets in te halen, om iets te voelen. Ik ben een obessief compulsieve retrogamer die zijn jeugd probeert terug te krijgen. Of het hiermee te maken heeft weet ik niet. Hoe dan ook, vrolijker word ik er niet van.
